Jan Pronk: Mensenrechtenactivist of ‘oorlogsmisdadiger’

augustus 30, 2007

Peter Siebelt. Loosdrecht, 30 augustus 2007.Op 29 augustus 2007 verscheen een groot omslagartikel over Jan Pronk in het weekblad HP de Tijd. In een klein kader – met de kop ‘Hulp aan beulen’ – werd voor het eerst voor het grote publiek een tipje van de sluier gelicht over Pronk’s jarenlange ‘betrokkenheid’ bij misdaden in de Derde Wereld. Misdaden door politieke organisaties (‘bevrijdingsbewegingen’) die door hem, als voormalig minister van Ontwikkelingshulp, met miljoen euro’s (toenmalige guldens) gesubsidieerd werden.

Niet aan de hulp voor slachtoffers werd prioriteit gegeven maar aan de solidariteitsrelatie met politieke ‘bevrijdingsbewegingen’ die oorlog voerde tegen de bestuurders van hun land. Een solidariteit die onverstoord bleef ondanks de wetenschap dat deze organisaties mensen martelden en vermoordden.

 

Pronk, de man die in zijn talloze speeches en publicaties het woord mensenrechten bij herhaling gebruikt, verzuimde bewust – of onbewust – effectief in te grijpen tegen de mensenrechtenschendingen van de door hem gesubsidieerden organisaties. Pronk en zijn partners bleven selectief doof en blind en waren te veel gefocust op de andere kant, de kant van de vijanden van hun vrienden.

 

Momenteel staat Pronk hoog op de lijst om mogelijk gekozen te worden als de nieuwe voorzitter van een van de grootste politieke partijen van ons land: de Partij van de Arbeid.

 

Een belangrijk moment om de ‘Hulp aan beulen’ uit het artikel van HP de Tijd iets nader te belichten. Want mede door zijn subsidiebeleid heeft Pronk de Nederlandse belastingbetaler ongewenst en onwetend medeplichtig gemaakt aan misdadige praktijken.

 Laten we even terug gaan in de tijd.In 1989, 1992 en 1993 kwamen er uitzonderlijk kritische reacties uit Pronks eigen achterban over zijn eenzijdige subsidiepraktijken. Onder meer van zijn partijgenoot Herbart Ruitenberg, een belangrijk toenmalig lid van de buitenlandcommissie PvdA.Op 19 oktober 1989 schreef Ruitenberg een brief aan het bestuur van de Evert Vermeer Stichting (EVS), niet alleen een denktank voor de PvdA maar vooral voor de toenmalige activiteiten van Pronk. Een kopie van dit schrijven stuurde hij aan Jan-Marinus Wiersma, momenteel lid van het Europees Parlement voor de PvdA.

Ruitenberg wees erop dat in de media martelingen in Namibië werden beschreven die onder verantwoordelijkheid van de toenmalige guerrillaorganisatie SWAPO hadden plaatsgevonden. Hij wilde weten waarom de denktank van Jan Pronk exclusief koos voor steun aan de SWAPO en andere groepen uitsloot.

 

Ruitenberg vroeg zich af of de EVS wel in staat was zelfstandig een standpunt te bepalen, d.w.z. zonder uitsluitend gebruik te maken van informatie die verschaft werd door groepen die exclusief voor de SWAPO hadden gekozen?

 

Hierin werd Ruitenberg ondersteund door de voormalig PvdA-voorzitter en huidige commissaris van de provincie Groningen, Max van den Berg.

 

“Er circuleerden al jarenlang geruchten over de wandaden van SWAPO, maar ditmaal kwam het uit betrouwbare bron. Ze hebben het toegedekt. Ze hadden eerder stelling kunnen nemen, maar ze zijn blijven zwijgen en ze zwijgen nu nog. Ik ben buitengewoon negatief over de manier waarop ze op kousenvoeten om die mensenrechtenkwestie heen lopen. Ze hebben gewoon boter op hun hoofd”, aldus Max van den Berg.

 Wetenswaardig is dat de wandaden van SWAPO al sinds 1976 bekend waren. In 1989 beweerden ex-gevangenen dat SWAPO in 1989 nog zo’n 2000 mensen in holen gevangenen hield en beschuldigde SWAPO van moord op minstens duizend leden.

Ruitenberg vond dat deze gebeurtenis niet op zich stond en sloot zijn brief aan de EVS af met: “Het gebeuren in SWAPO is niet incidenteel, binnen het ANC gebeuren dezelfde dingen.

 

Pronk werd geraadpleegd! Zijn mening was dat de toekomstige hulp los van het verleden moest worden getoetst aan met name het optreden van de nieuwe (SWAPO)-regering. Daar was de toenmalige EVS-bestuurder, Wout Nijland, het mee eens want het verwijderen van de SWAPO-verantwoordelijken uit die (nieuwe) regering zou “te ver gaan” omdat dat in de praktijk er op neer kwam dat de SWAPO zich zelf zou opblazen. Er waren teveel SWAPO-bestuurders bij betrokken!

 Drie jaar later kwamen Ruitenbergs waarschuwingen over het ANC uit. ‘ANC martelde en vermoorde gevangenen in kampen’, de kranten stonden er bol van.

Het ANC moest toegeven dat ze zich schuldig hadden gemaakt aan grove schendingen van de mensenrechten, waaronder het martelen en vermoorden van onschuldige slachtoffers in kampen in Angola, Tanzania, Oeganda en Zambia. In de Volkskrant van 20 oktober 1992 werd op een oppervlakkige wijze de martelmethoden omschreven: ‘De Gevangenen werden gedwongen door kolonies rode mieren te kruipen nadat hun huis was ingesmeerd met varkensvet. Een ander veel voorkomende marteling was het inwrijven van gevangenen met jeukpoeder, dat de bijnaam ‘napalm’ had. Gevangenen werden in hun geslachtsdelen getrapt en het was routine hen lang op de wagen te slaan, waarbij regelmatig trommelvliezen knapten.’(Een uitgebreid overzicht van de martelingen is in mijn bezit).

 

Drie maanden voor deze omschrijving in de Volkskrant had Ruitenberg wederom naar zijn pen gegrepen. Op 24 juli 1992 schreef hij aan Pronk: ‘De blinde steun aan (bijvoorbeeld) het Zuid-Afrikaanse ANC bestaat nog steeds. De door de Nederlandse overheid gesubsidieerde instellingen hebben heel systematisch alleen mensen uit de hoek van het ANC geholpen. Het ANC bestrijdt alle concurrerende stromingen met geweld. Hun opvatting van democratie heeft nogal communistische trekjes!’, aldus Ruitenberg. Hij wees Pronk erop dat mensenrechten nog steeds niet aan de orde kwamen als het dit soort organisaties betrof. “Behalve, soms, als het te laat is” vervolgde Ruitenberg. Een kopie van zijn schijven stuurde hij aan Josephine Verspaget, Pieter Jan Bouwmeester, Jan Marinus Wiersma, Jan Nekkers, Joop Koopman en H.D. Tjeenk Willink.

 En wat gebeurde er? De geldstroom vanuit Nederland ging gewoon door.

Een jaar later, op 2 augustus 1993, deed Ruitenberg nogmaals een poging en schreef wederom een brief aan Pronk.

‘Een tijdje geleden sprak je je uit voor steun aan het ANC voor de verkiezingen. Dit lijkt me geen goed idee. Het ANC ontwikkelt zich tot een nieuwe staatsbourgeoisie die een monopoliepositie probeert te krijgen. Het ANC heeft ALLE concurrenten binnen en buiten de eigen organisatie met geweld bestreden. In het begin stelden ze dat de martelingen en moorden in de kampen Zuid-Afrikaanse agenten betroffen, nu is duidelijk dat het alleen maar om groepen jonge strijders ging die democratisering van het ANC eisten. (…) Eind 1988 werd ‘Stompie’ vermoord door de knokploeg van Winnie Mandela. Een maand later vermoordde dezelfde ploeg de in de buurt wonende arts Abu Baker Asvat die Stompie en enkele anderen het laatst levend had gezien in het huis van Winnie. Ik heb in 1989 een oordeel van de Nederlandse Raad van Kerken gevraagd over het gedrag van twee predikanten, ze geven niet eens antwoord, ondanks herhaalde aanmaning. Kennelijk gaat de steun aan het ANC boven democratische verantwoording. Ik vind het jammer dat je je exclusief voor het ANC uitspreekt. Er is nogal wat corruptie in en om het ANC zoals het meest recent weer is gebleken m.b.t. de terugkerende vluchtelingen; het is van groot belang dat ze goed gecontroleerd worden. Het ANC heeft recent nog dissidenten vermoord om ze tot zwijgen te brengen, het gaat om de mensen uit de kampen in Angola. (…) Onpartijdige informatie kan je helaas in Nederland nauwelijks krijgen, alle organisaties die ik ken vertonen een bias naar het ANC toe, andere stromingen zwijgen ze dood, ze hebben niets geleerd van de SWAPO?toestanden.’

 Zowel Pronk als belangrijke beleidsmakers binnen zijn buitenparlementaire achterban waren op de hoogte van deze misdaden en verkozen te zwijgen. De lijst met namen van deze zwijgzame ‘mensenrechtenactivisten’ is te lang om hier te vermelden. Toch wil ik een tweetal bij naam noemen. Bijvoorbeeld de bekende toenmalige anti-apartheidsactivist Sietse Bosgra of de beruchte Jan Nico Scholten. Ook hen is deze misdadige zwijgzaamheid zwaar aan te rekenen. Vooral Scholten. Als oprichter van de Association of West European Parlemantarians Against Apartheid (AWEPAA) en het African European Institute (AEI) was hij – na Pronk – de belangrijkst man die blindelings de belangen van het ANC en SWAPO bleef ondersteunen.

In 1989 had een waarnemer van de VN-vluchtelingenorganisatie UNHCR een vooruitziende blik. Tegen een delegatie van AWEPAA die Namibië bezocht om onder anderen de geruchten over mensenrechtenschendingen door SWAPO te onderzoeken zei hij: “De deur dichthouden voor deze periode uit het verleden zonder enige behandeling van de feiten is het zelfde als het afdekken van een chemische stortplaats- het kan terugkeren om je later alsnog te vergiftigen!”.

AWEPAA, sloeg de UNHCR-raad in de wind en koos tijdens een bestuurvergadering voor een ‘closed door policy’ een gesloten deur politiek!

 

De drammerige partijdigheid van Pronk heeft vele onschuldige slachtoffers achtergelaten.

Niet alleen in Afrika maar ook in een land als bijvoorbeeld de Filippijnen. Ook naar hier bleef de subsidiekraan wagenwijd openstaan naar politieke organisaties die oorlog voerden tegen de zittende regeringen. En ook hier bleven Pronk en zijn buitenparlementaire achterban oorverdovend stil over de misdaden die hun Filippijnse vrienden begingen.

 

Deze week werd op 28 augustus in Utrecht de 68-jarige Filippijnse terrorist Jose Maria Sison opgepakt. De oprichter en leider van de Communistische Partij op de Filippijnen (CPP). Hij is één van de belangrijkste leiders van de gewapende opstandelingen in dat land. Opstandelingen die ook verantwoordelijk zijn voor het moorden en martelen van mensen. Sinds 1987 woont Sison in Nederland en moet zich eerst nu verantwoorden voor zijn betrokkenheid bij een aantal moorden in zijn vaderland.

 

Volgens het Openbaar Ministerie heeft hij vanuit Nederland opdracht gegeven om in de Filippijnen zijn voormalige politieke relaties Romulo Kintanar en Arturo Tabara te vermoorden.

 Op zich een kwalijke zaak maar valt helemaal in het niets in vergelijking met de grote slachtingen onder onschuldige burgers die een aantal jaren geleden door de gewapende tak van de CPP werden gepleegd. Slachtingen waarvan Pronk óók terdege op de hoogte was, terwijl hij gewoon doorging met het subsidiëren van de netwerken die direct en indirect verbonden waren met de achterban van Sison.

Een kleine bijkomstigheid is dat de naam van Sison sinds een aantal jaren prijkt op de Europese en internationale terreurlijst en dat hij nog steeds betrokken is bij de opstandelingen in de Filippijnen..

 

Jan Pronk en ‘zijn’ opstandelingen; er werd gemarteld en gemoord, intussen bleef de Nederlandse geldkraan wagenwijd openstaan.

 

Deed hij dit bewust dan is dat misdadig. Gebeurde dit onbewust dan is hij een politieke onbenul. Hoe dan ook, het was een handelwijze waarmee hij als het ware een vrijbrief gaf aan misdadigers. Misdadigers die, mede onder het mom van een ‘bevrijdingsoorlog’, niet alleen aan de wieg hebben gestaan van enorme vluchtelingenstromen maar ook verantwoordelijk zijn voor de dood van vele onschuldige burgers.

 

Tot slot enkele vragen aan de lezers.

 

Mag een persoon als Pronk ons land nog langer vertegenwoordigen in welke functie dan ook?

 Mag een persoon als Pronk de nieuwe voorzitter worden van de PvdA?

Kan Jan Pronk van grove nalatigheid en/of van (in)directe medeplichtigheid worden beschuldigd?

 Moeten de gevolgen van zijn eenzijdige beleid niet door een internationaal gerecht aan de kaak worden gesteld? Al is het alleen maar om een voorbeeld te stellen.

In mijn ogen is Pronk medeplichtig aan deze misdaden. Hij was per slot van rekening terdege op de hoogte en ging desondanks gewoon door met het rijkelijk subsidiëren van de verantwoordelijke organisaties.

 


Onder de boerka der ‘liefde’

augustus 26, 2007

Goedemorgen, de Telegraaf van vandaag (25 augustus 2007) al gelezen?  

‘Spionagerel’ Navo. Secretaresses laan uit na moslimhuwelijk, kopt een artikel op de voorpagina.

 

Volgens het artikel is er onrust ontstaan op de zwaarbeveiligde en supergeheime Awacsbasis van de NAVO in het Duitse plaatsje Geilenkirchen. De oorzaak ligt bij twee vrouwelijke medewerkers van Nederlandse afkomst. De een is secretaresse van de plaatsvervangend basiscommandant, Jelle Zijlstra, en de ander is werkzaam op de reisafdeling.

 

Beide dames zijn recentelijk teruggekeerd van een vakantie in Tunesië en in het huwelijk getreden met jonge Arabieren uit dit land.

 

Volgens het reisadvies van Buitenlandse Zaken is Tunesië een risicovol land en is extra waakzaamheid geboden.

 

In Tunesië groeit het radicale fundamentalisme en is de overheid al jarenlang in een felle strijd gewikkeld met onder meer de islamitische terreurbeweging Ennahda (Renaissance). In het land bevindt zich tevens het hoofdkwartier van de radicale Palestijnse beweging Al-Fatah.

 

Sinds een aantal jaren is een groot aantal Tunesische terroristen actief in Europa waarvan enkele veroordeeld zijn en langdurige straffen uitzitten.

 

Gezien het voornoemde is het dan ook niet vreemd dat de inlichtingendiensten beide heren als uiterst risicovol beschouwen en onmiddellijk de toegangspasjes van beide dames lieten intrekken. Ze vormden een risico omdat ze toegang hadden tot mogelijke NAVO-geheimen.

 

Tot zover de veiligheidrisico’s die verbonden zijn aan twee Nederlandse vrouwen die terugkeerden van vakantie met ‘verliefde’ Arabieren aan hun hand.

 Maar er is meer aan de hand onder de ‘Boerka’ der liefde.Al enige tijd ontspruiten er heftige liefdes tussen enkele Nederlandse politica en politiek actieve Arabieren uit het buitenland. In enkele gevallen heeft dit reeds geleidt tot een echtelijke verbintenis met of zonder verblijfstatus in ons land.

Op charmante wijze benaderen deze ‘loverboys’ onze vrouwelijke volksvertegenwoordigers. Ze schenken heerlijkheden, nodigen hen uit voor een lunch of diner en vertellen de dames over de liefde voor en het leed van hun land. Binnen de kortste keren weten ze de dames in te palmen en in te zetten voor hun eigen politieke doelstellingen.

 

Bijna vanzelfsprekend hullen de ‘geliefden’ zich over hun relatie in stilzwijgen voor het brede publiek, vooral over hun gezamenlijke activiteiten en de maatschappelijk gevolgen daarvan in binnen- en buitenland.

 Laten we eens twee ‘boerka’-gevallen in het kort belichten en twee beestjes bij naam noemen: Miep van Diggelen (PvdA) en Anja Meulenbelt (SP).

Van Diggelen is een PvdAster in hart en nieren. Al jarenlang leeft zij rijkelijk van – en reist zij via – gesubsidieerde activiteiten.

 

Ze was kandidaat lijsttrekker PvdA voor Amsterdam bij de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2006; voormalig PvdA-wethouder en -voorzitter in het stadsdeel Geuzenveld en zes jaar secretaris van de PvdA Amsterdam. Van Diggelen was ook verantwoordelijk voor het samenwerkingsverband Federatie Steunpunt Minderheden (FSM) en het Amsterdam Centrum Buitenlanders (ACB). Beide stichtingen waren juridische aan elkaar verbonden en de dagelijkse leiding van deze organisaties was gedelegeerd aan Van Diggelen. Als directeur van ACB was zij mede verantwoordelijk voor de gang van zaken en de uiteindelijke teloorgang van FSM die de gemeenschap vele miljoenen euro’s heeft gekost. Maar niet getreurd Van Diggelen werd niet aansprakelijk gesteld en kon ongestoord doorgaan met haar subsidieverslindende activiteiten. Zo kwam ze op kosten van de gemeenschap haar ‘loverboy’ tegen, Ahmad Ezzayani, de toenmalige loco-burgemeester van de Gemeenteraad van de Marokkaanse kusstad Asilah.

 

Van Diggelen leerde hem kennen in april 2000 tijdens een door de gemeente Amsterdamse gesubsidieerde ‘verkenningsmissie’.

 

Ze viel onmiddellijk voor zijn Arabische charme. ‘Miep was dolverliefd, en wilde meteen gaan trouwen. Wij vonden het niet zo’n slim idee. Maar als zij iets wil, dan gaat ze ervoor’, aldus haar zus Jenny van Diggelen.

 

Zo gezegd, zo gedaan. Miep en Ahmad stapten ze in het huwelijksbootje. Na vier weken was Ahmad in Nederland en wist op een bijzondere snelle wijze een verblijfsvergunning te bemachtigen.

 

Gelukkig is Ahmad niet op zijn lauweren gaan rusten en is hij ook in Nederland ‘politiek’ actief gebleven. Volgens een bericht op http://www.geheugenvanwest.nl/article-212-nl.html wil hij de jeugd in het Amsterdamse Geuzenveld Slotermeer – veelal met een Marokkaanse achtergrond – kennis laten nemen van de Nederlands- Marokkaanse geschiedenis.

 

In hoeverre deze slagzin de (politieke-) werkelijkheid dekt en welke kosten/subsidies daar aan verbonden zijn is tot nu toe nog niet onderzocht. Ook de verbintenis tussen de activiteiten van Ahmad en die van Miep van Diggelen (ACB http://www.acbkenniscentrum.nl/) zijn nog niet in kaart gebracht. Maar gezien de activiteiten van het met miljoenen euro’s gesubsidieerde netwerk van Van Diggelen laat de uitkomst zich raden.

 

In mijn boek ‘Sinistra. Politieke maffiosi op Haags, provinciaal en gemeentelijk niveau’ pagina 43-90, is over het resultaat van haar activiteiten al het een en ander op in kaart gebracht.

 Terwijl ik dit verhaal schrijf verschijnen in de media diverse artikelen over de in opspraak zijnde Robin de Bood (PvdA). Hij is deelraadsvoorzitter van de Amsterdamse wijk Geuzenveld-Slotermeer, de wijk waarvan Van Diggelen voorzitster was en haar man Ahmad ‘les’ geeft over de Nederlands- Marokkaanse geschiedenis.

Begin augustus 2007 kwam Robin de Bood terug van een weekje ‘op verkenning’ in de voormalige woonplaats van Ahmad, de kuststad Asilah. Op kosten van het stadsdeel ging hij samen met een ambtenaar naar eigen zeggen ‘de banden aanhalen’. Die banden zijn intussen zo goed dat er in oktober een nieuw reisje op zijn agenda staat, dan met zijn twee wethouders.

 

Tijdens zijn verblijf gaf De Bood (PvdA) het startschot voor een marathon in de Noordmarokkaanse stad Asilah, die plaatsvond tijdens de Dag van de Migrant. Het evenement was georganiseerd door … de vereniging Asilah waarvan Miep van Diggelen erevoorzitter is.

 

Tja, en dan het andere tortelduifje, Anja Meulenbelt. Ze is lid van Eerste Kamer voor de SP en links-radicaal, Wie kritiek heeft op Meulenbelts activiteiten wordt grondig gecensureerd. Haar aanpak is zelfs zodanig dat men de strenge censuur binnen de SP-gelederen ‘Meulenbelten’ is gaan noemen.

 

In de zomer van 2007 trouwde zij op een nogal merkwaardige wijze met de Palestijnse ‘terrorist’, Khaled Abu Zaid (lees: De vrouw van Khaled Abu Zaïd http://keesjemaduraatje.web-log.nl/).

 Zijn politieke uitspraken zijn luid en duidelijk. Een klein citaat:

“Voor mij luidde deze periode een nieuwe fase van politiek bewustzijn in, met de vraag: waar staan we, wat zijn onze dromen, wat is onze hoop voor de toekomst, willen we voor eeuwig onder een bezetting leven? Dus sloot ik me aan bij de Fatah beweging (PS: hoofdkantoor in Tunesië), de beweging die een revolutie wilde beginnen om de Palestijnen te bevrijden, om geheel Palestina te bevrijden van de Israëlische bezetting. We begonnen ons te organiseren in kleine verzetsgroepen, en ik leidde twee groepen, een voor mannen en een voor vrouwen. Ik gaf ze les in verzetswerk, en hoe je wapens en explosieven moest gebruiken. Toen werden we gepakt door de Israëlische Veiligheidsdienst, dat was nog voor de eerste intifada, en ik werd voor zeven jaar naar de gevangenis gestuurd. Ik had nog niets gedaan behalve plannen maken, en misschien was het maar gelukkig dat we nog niet begonnen waren om onze wapens te gebruiken. We hadden niemand gedood of gewond. In feite waren veel van de mensen in de gevangenis nog niet actief geworden, maar ze hadden zich uitgesproken tegen de Israëlische bezetting, en ze hadden zich bij de verzetsgroepen aangesloten, feitelijk waren ze politieke gevangenen”, aldus Khaled Abu Zaid.

 

Khaled Abu Zaid is tevens de oprichter-directeur van NCCR (National Center for Community Rehabilitation), een door Meulenbelt gesteund gehandicaptenproject http://www.xs4all.nl/~kifaia/index.htm in Gaza.

 

Gezien de bovenstaande uitspraken van Khaled Abu Zaid mag getwijfeld worden of de omschrijving van NCCR zijn naam wel eer aandoet.

 

Een ding is zeker, zowel Anja Meulenbelt als Khaled Abu Zaid maken deel uit van een aantal vage Palestijnse politieke activiteiten en projecten die de Nederlandse staat al vele miljoenen euro’s heeft gekost. Een geldstroom zonder gedegen controle die nog steeds op volle toeren draait.

 

Tot slot.

 

De ‘boerka der liefde’ zet zich voort. Er zijn aanwijzingen dat er nieuwe politieke Nederlands-Arabische liefdes tot bloei komen.

 Natuurlijk is daar niets op tegen, liefde is mooi, is heerlijk. Maar … wanneer het invloed heeft op de tijdsbesteding en het politieke functioneren van onze politieke dames *; het wegvloeien van enorme bedragen aan gemeenschapsgeld voor politieke stokpaardjes; of de veiligheid in gevaar komt van individuen of maatschappij; is er wel iets op tegen en dient er onmiddellijk op een of andere manier te worden ingegrepen.

Een van de meest effectieve methoden is niet alleen vroegtijdig een spaak tussen de wielen steken van dit soort Arabische ‘loverboys’ maar ook het grondig wegrukken van de ‘boerka der liefde’ zodat het brede publiek – en de politiek – deze dubieuze ontwikkelingen grondig kan aanschouwen.

 *http://www.sp.nl/nieuwsberichten/4542/070420-meulenbelt_geen_twee_maten_voor_palestijnen_en_isralis.html
http://www.sp.nl/nieuws/tribune/200204/interviewameulenbelt.stm
http://utrecht.sp.nl/weblog/2007/06/10/anja-meulenbelt-over-40-jaar-bezetting-palestina/
http://www.ravagedigitaal.org/2001_2002/0114a8.htm


Ouderen en gehandicapten: Wederom de slachtoffers van de onstilbare graaizucht van de ‘Bende’ Balkenende 4

augustus 24, 2007

Terwijl er binnen en buiten onze grenzen miljarden aan gemeenschapgeld door de Haagse, provinciale en gemeentelijk politieke maffiosi over de balk wordt gesmeten, moet de huishoudbeurs van en de sociale voorzieningen voor de Nederlandse burger het steeds meer ontgelden.

 Het wanbeleid en de graaizucht van de overheid kent geen grenzen.

Terwijl er anno 2007 aan de ene kant wegens wanbeleid 5,7 miljard euro zoek is bij Buitenlandse Zaken wordt er aan de andere kant door de ‘bende’ van Balkende 4 opnieuw een aanslag gepleegd op onze sociale voorzieningen. Ditmaal wil men 600 miljoen bezuinigen op de ouderen- en gehandicaptenzorg.

 

Met allerhande argumenten, waaronder vergrijzing, probeert de Haagse elite aan de burger uit te leggen dat de kosten uit de hand lopen. Intussen verbloemt men de werkelijkheid met grove leugens en wentelt men de desastreuze gevolgen van hun handelen af op de gemeenschap.

 Neem bijvoorbeeld de gevolgen van het door hen zo bejubelde Generaal Pardon. De door hen bij herhaling genoemde aantallen van 30.000 asielzoekers die daarvoor in aanmerking komen klopt van geen enkele kant. Het aantal dat dichter bij de waarheid ligt is waarschijnlijk het viervoudige en … dat weet onze Haagse elite maar al te goed.

Een door hen verzwegen feit is namelijk dat iedere asielzoeker die in aanmerking komt voor het Generaal Pardon recht heeft op gezinshereniging. In dit kader kan hij of zij familieleden naar Nederland laten komen. En dan hebben we het nog maar niet over de mogelijke aanzuigende werking van dit pardon.

 

Intussen doet het Generaal Pardon van zich spreken. Zowel de IND als de gemeenten kunnen de toestroom niet aan. Zo wordt het vluchtverhaal van de asielzoeker bij de IND niet of nauwelijks meer gecontroleerd en past men de regel toe: ‘bij twijfel goedkeuren.’

 En ook de Nederlandse gemeenten zitten in de knel en zijn mede door hun eigen beleid ten aanzien van illegalen tot over hun oren in de problemen gekomen. Men heeft de IND verzocht om de goedkeuringen te vertragen. Ze kunnen namelijk de daaraan gekoppelde aanvragen voor uitkering of huisvesting niet aan.

Intussen maken de wel en niet goedgekeurde asielzoekers uitgebreid gebruik van onze sociale voorzieningen waaronder gezondheidszorg. Hierdoor is een enorme aanslag ontstaan op de beschikbare budgetten en capaciteiten. Een aanslag die overigens – mede door het asielbeleid van voorgaande kabinetten – al jaren aan de gang is en nu alleen maar groter wordt.

 

En wat doet intussen de verantwoordelijke ‘bende’ van Balkenende 4? Op schandalige en haast criminele wijze blijft men smijten met het geld van de Nederlandse burger, tot ver buiten onze grenzen.

 In dit kader legt de PVV met haar Kamervragen van heden de vinger op de zere plek. Geen bezuinigingen op ouderen- en gehandicaptenzorg – Kamervragen

donderdag 23 augustus 2007

 Vragen van de leden Wilders en Agema (beiden PVV) aan de Minister-President over bezuinigingen op ouderen- en gehandicaptenzorg

1.)
Geeft u leiding aan een fatsoenlijk kabinet?

2.)
Zijn de berichten waar dat uw kabinet voor maar liefst 600 miljoen euro wil bezuinigen op de ouderen- en gehandicaptenzorg (*)?

3.)
Zo ja, heeft u uw fatsoen verloren?

4.)
Bent u bereid deze beschamende bezuiniging niet door te laten gaan en dus niet te snijden op humane zorg voor ouderen- en gehandicapten?

5.)
Indien u honderden miljoenen nodig heeft, deelt u dan onze mening dat dit beter gevonden kan worden door:
– inburgeringscursussen niet gratis te laten worden
– het kostbare generaal pardon niet uit te voeren
– op ontwikkelingshulp te bezuinigen?
Zo neen, waarom niet?

(*) NOS Journaal, 22 augustus 2007 / http://www.elsevier.nl “Kabinet bezuinigt miljoenen op ouderenzorg” 23 augustus 2007


Aan de Minister President

augustus 20, 2007